Finance
Het Nederlandse verbod op grote contante betalingen: welke transacties zijn verboden
Het Nederlandse verbod op contante betalingen vanaf € 3.000 is op 1 januari 2026 ingegaan. Bekijk precies welke transacties verboden zijn, de valkuil van gesplitste betalingen en de boetes.
•
15 min.

Intro
Sinds 1 januari 2026 verbiedt artikel 1f van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) beroeps- en bedrijfsmatige handelaren in goederen om contante betalingen van € 3.000 of meer te doen of te accepteren. De inwerkingtreding is vastgelegd in Staatsblad 2025, 362, gepubliceerd op 18 november 2025. Sinds die datum is een contante betaling voor goederen op of boven deze grens geen grijs gebied dat met aanvullende controles kan worden beheerst: de betaling is eenvoudigweg verboden.
De maatregel sluit aan bij internationale aanbevelingen om grote contante transacties te beperken, omdat zulke betalingen een bekende route vormen om opbrengsten uit misdrijven te verhullen. De Europese antiwitwasverordening introduceert vanaf 10 juli 2027 een algemene bovengrens van € 10.000, waarbij lidstaten een lagere nationale grens mogen hanteren. Nederland heeft bewust gekozen voor € 3.000 en heeft deze grens al vóór de Europese ingangsdatum ingevoerd.
Eén nauwkeurigheidspunt is belangrijk, omdat verschillende publicaties twee maatregelen door elkaar halen. De Wet plan van aanpak witwassen bevatte ook artikel IIA: een verplichting voor ondernemingen om contant geld te accepteren bij consumentenbetalingen onder € 3.000. Het Koninklijk Besluit van 3 november 2025 heeft artikel IIA uitdrukkelijk uitgezonderd van de inwerkingtreding op 1 januari 2026. Die acceptatieplicht geldt dus nog niet. Het kabinet werkt aan uitzonderingen en noemt inmiddels 2027 als beoogd moment, maar daarvoor is verdere besluitvorming nodig. Totdat die regeling in werking treedt, mogen bedrijven zelf bepalen of zij contant geld onder de grens accepteren, mits hun betaalvoorwaarden duidelijk zijn.
Belangrijkste conclusie: Op 1 januari 2026 zou niet alleen het verbod op grote contante betalingen ingaan, maar aanvankelijk ook een acceptatieplicht voor kleinere consumentenbetalingen. Alleen het verbod is daadwerkelijk in werking getreden. Handelaren in goederen mogen geen contante betalingen van € 3.000 of meer doen of ontvangen. Voor bedragen daaronder bestaat op dit moment geen algemene wettelijke plicht om contant geld te accepteren.
Een goed betaalbeleid hoort bij de basis van iedere nieuwe onderneming. In een bedrijf starten in Nederland lees je waar dit soort compliancekeuzes binnen het bredere oprichtingsproces passen.
Welke ondernemingen en transacties vallen onder het verbod?
Of het verbod op een concrete betaling van toepassing is, hangt vooral af van twee vragen: gaat de betaling over goederen of over diensten, en handelt de verkoper beroeps- of bedrijfsmatig of als particulier? Een fout antwoord op een van beide vragen kan ertoe leiden dat een onderneming een verboden betaling accepteert of juist een betaling weigert die wettelijk wel is toegestaan.
Categorie | Valt onder het verbod van € 3.000? | Wwft-verplichtingen | Vanaf 10 juli 2027 |
Beroeps- of bedrijfsmatige handelaren in goederen, zoals winkels, autohandelaren, juweliers, meubelzaken en elektronicazaken | Ja, sinds 1 januari 2026 | De vroegere Wwft-plichten voor contante goederentransacties van € 10.000 of meer zijn voor gewone goederenhandelaren vervangen door het verbod | Voor bepaalde sectoren komen aanvullende Wwft-plichten bij niet-contante transacties |
Kunsthandelaren, pandhuizen en bepaalde bemiddelaars in hoogwaardige goederen | Ja, sinds 1 januari 2026 | Het verbod geldt naast de Wwft-plichten die voor hun eigen categorie blijven bestaan | Voor enkele groepen gelden aanvullende Europese verplichtingen |
Dienstverleners, zoals consultants, IT-bedrijven en freelancers | Nog niet op grond van artikel 1f; diensten vallen momenteel buiten dit Nederlandse verbod | Bestaande Wwft-plichten gelden alleen als de dienstverlener onder een aangewezen categorie valt | De Europese limiet voor contante betalingen gaat ook voor diensten gelden |
Particulieren die niet beroeps- of bedrijfsmatig handelen | Nee | Geen plichten uit hoofde van dit verbod | De Europese limiet richt zich evenmin op zuiver particuliere transacties |
Het onderscheid tussen goederen en diensten is in de praktijk cruciaal. Bij een zuivere reparatiedienst valt het arbeidsloon nu niet onder artikel 1f. Verkoopt een garage daarnaast onderdelen, dan is voor de juridische kwalificatie van belang wat partijen precies overeenkomen en of sprake is van afzonderlijke prestaties of één samengestelde levering. De wet en officiële publieksinformatie geven geen algemene regel dat op elke gemengde factuur uitsluitend de goederenregel tegen de grens mag worden gehouden. Laat twijfelgevallen daarom beoordelen en richt facturen niet kunstmatig zo in dat een contante betaling onder de grens lijkt te blijven.
Ook de geografische reikwijdte is ruim. Het verbod geldt voor betalingen in of vanuit Nederland. Het kan dus ook gelden wanneer een in Nederland geregistreerde handelaar goederen vanuit Nederland aanbiedt en de betaling in het buitenland plaatsvindt, of wanneer een buitenlandse handelaar in Nederland contant betaalt of wordt betaald. De nationaliteit van de klant en de herkomst van het bankbiljet veranderen daar niets aan.
De grens ziet op het daadwerkelijk contant te betalen totaalbedrag voor de goederen. Bij consumentenprijzen is dat in de praktijk het bedrag inclusief btw. Een verkoopprijs van € 2.500 exclusief 21% btw komt uit op € 3.025 en kan daarom niet volledig contant worden betaald. Lees daarnaast wanneer ondernemers btw-aangifte moeten doen om de btw-verwerking correct in de administratie op te nemen.
De valkuil van gesplitste betalingen
Veel overtredingen zullen niet ontstaan doordat een ondernemer bewust één stapel bankbiljetten van € 5.000 aanneemt. Het risico zit vooral in twee of meer kleinere betalingen die samen € 3.000 of meer bedragen. Een klant kan zo'n voorstel terloops doen, of er kan al een afbetalingsregeling bestaan. Artikel 1f kijkt niet alleen naar één betaalmoment, maar ook naar meerdere handelingen waartussen een verband lijkt te bestaan.
Dat is de samengestelde transactie. Betalingen die voldoende met elkaar samenhangen, moeten voor het verbod gezamenlijk worden beoordeeld. De formulering is bewust ruim: de wet schrijft geen vast aantal dagen of één doorslaggevend criterium voor. De feiten en omstandigheden bepalen of betalingen bij dezelfde economische transactie horen. Een toezichthouder of rechter kan dat verband achteraf vaststellen.
Een voorbeeld maakt het concreet. Een juwelier verkoopt een horloge van € 4.500. De klant heeft vandaag € 2.800 contant bij zich en stelt voor om de resterende € 1.700 een week later contant te betalen. Elk bedrag afzonderlijk blijft onder € 3.000, maar beide betalingen horen onmiskenbaar bij de aankoop van hetzelfde horloge. Samen vormen ze één verbonden transactie van € 4.500. De ondernemer mag deze contante betaalconstructie niet accepteren.
Let op: De regel voorkomt ook constructies met stromannen. Wordt één aankoop van € 4.000 door drie personen betaald in drie afzonderlijke contante bedragen, dan kan nog steeds sprake zijn van één verboden transactie. Zodra de ondernemer weet of redelijkerwijs moet begrijpen dat de betalingen bij elkaar horen, biedt het gebruik van verschillende betalers geen uitweg.
Train medewerkers op signalen zoals een klant die dezelfde goederen binnen korte tijd koopt, bedragen die samen een opvallend rond totaal vormen, opeenvolgende betalingen voor één bestelling of een expliciet verzoek om termijnen onder de grens te houden. Het gaat niet om één automatisch bewijscriterium, maar om het totaalbeeld. In een boekenonderzoek van de Belastingdienst doorstaan lees je hoe patroonherkenning en een controleerbare administratie in een breder onderzoek werken, al is DFEI de toezichthouder op dit specifieke contantebetalingsverbod.
Wat gebeurt er bij een overtreding?
De Wwft kent drie bestuurlijke boetecategorieën, maar die zijn niet alle drie op iedere overtreding van toepassing. Sinds 30 april 2026 is artikel 1f in het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector uitdrukkelijk ingedeeld in boetecategorie 1. Die categorie heeft een minimum van € 0 en een maximum van € 10.000; het basisbedrag is eveneens € 10.000. De toezichthouder moet bij de uiteindelijke sanctie rekening houden met de omstandigheden van het geval, waaronder ernst, verwijtbaarheid en draagkracht.
Bij recidive kan het bedrag hoger uitvallen. Als binnen vijf jaar na een eerdere bestuurlijke boete opnieuw een afzonderlijke overtreding wordt begaan, maakt artikel 31, vierde lid, Wwft verdubbeling van het maximumbedrag mogelijk. Daarmee kan het bestuurlijke maximum voor een herhaalde overtreding van dit verbod op € 20.000 uitkomen. De veel hogere basisbedragen van € 500.000 en € 2 miljoen horen bij boetecategorie 2 en 3 voor andere, zwaarder ingedeelde Wwft-overtredingen en mogen niet als standaardbandbreedte voor artikel 1f worden gepresenteerd.
Naast een bestuurlijke boete kan de toezichthouder een last onder dwangsom inzetten om een overtreding te beëindigen of herhaling te voorkomen. Dat instrument is vooral relevant wanneer de betaalpraktijk of het beleid van een onderneming structureel niet voldoet. De onderneming krijgt dan een concrete herstelopdracht; bij niet-naleving worden dwangsommen verbeurd.
Strafrechtelijke handhaving blijft daarnaast mogelijk. Overtreding van artikel 1f is in artikel 1, onder 2°, van de Wet op de economische delicten als economisch delict aangewezen. Bij een opzettelijke overtreding is sprake van een misdrijf; zonder opzet gaat het om een overtreding. Welke straf maximaal kan worden opgelegd, hangt af van die kwalificatie en de toepasselijke bepalingen van de WED. Voor de geldboetecategorieën geldt sinds 1 januari 2026 bovendien een vierde-categoriemaximum van € 27.500, niet € 25.750 zoals in oudere bronnen staat. Bij rechtspersonen kan onder voorwaarden een hogere geldboetecategorie in beeld komen. Daarom is het onverstandig om één algemeen strafmaximum op ieder incident te plakken zonder de feiten en de betrokken persoon of rechtspersoon te kennen.
Een sanctie kan ook openbaar worden gemaakt. Die publicatie kan reputatieschade veroorzaken en gevolgen hebben voor bankrelaties, leverancierskrediet en vergunningen, los van het betaalde bedrag. In wat de Belastingdienst bij een eerste VPB-aangifte verwacht lees je meer over de bredere fiscale en administratieve verplichtingen waarmee een bv rekening houdt.
Voor gewone handelaren in goederen is het nieuwe stelsel vaak eenvoudiger dan de oude regeling. Vóór 2026 moest een handelaar bij een contante goederentransactie van € 10.000 of meer cliëntenonderzoek doen en zo nodig een ongebruikelijke transactie melden. Nu mag de contante betaling vanaf € 3.000 überhaupt niet plaatsvinden, terwijl de voormalige Wwft-plichten voor deze algemene categorie zijn vervallen. Voor kunsthandelaren, pandhuizen en bepaalde bemiddelaars ligt dat anders: hun eigen Wwft-verplichtingen kunnen naast het cashverbod blijven gelden. Zo moet een kunsthandelaar bij een bankbetaling van € 10.000 of meer nog steeds cliëntenonderzoek doen en eventuele ongebruikelijke transacties melden.
Ondernemen onder de nieuwe regels
Een ondernemer die goederen verkoopt en soms een groot contant aanbod krijgt, hoeft geen ingewikkeld controlesysteem op te tuigen. Een beperkt aantal maatregelen, consequent toegepast en goed vastgelegd, maakt het verschil tussen een papieren regel en een aantoonbaar werkend beleid.
Begin met het betaalbeleid en de klantcommunicatie. Leg in de voorwaarden vast dat contante betalingen van € 3.000 of meer niet worden geaccepteerd en vermeld dit op de website, offertes en bij het verkooppunt. Verwijs klanten met een hoger contant aanbod naar een bankoverschrijving, pinbetaling of een andere niet-contante methode. In een winkel is een duidelijke mededeling bij de kassa vaak een nuttige aanvulling, maar die vervangt de instructie aan medewerkers niet.
Personeelstraining wordt het vaakst vergeten. Iedereen die betalingen aanneemt—aan de balie, op een beurs of tijdens een bezoek op locatie—moet zowel de grens als het verbod op opknippen begrijpen. Een fout van een junior medewerker kan aan de onderneming worden toegerekend. Neem daarom herkenbare voorbeelden op en laat ieder verzoek om contante deelbetalingen aan een manager voorleggen.
Het vastleggen van geweigerde transacties is niet als afzonderlijke wettelijke administratieplicht voorgeschreven, maar kan wel verstandig zijn. Noteer bijvoorbeeld de datum, het aangeboden bedrag en dat de contante betaling is geweigerd. Zo ontstaat bewijs dat de onderneming het verbod actief uitvoert. Verzamel daarbij niet meer persoonsgegevens dan nodig en houd rekening met de AVG.
Bekijk ook bestaande termijnregelingen. Voor zover na 1 januari 2026 nog contante termijnen worden betaald die samen met elkaar verband houden en in totaal € 3.000 of meer bedragen, kan artikel 1f de verdere contante uitvoering verbieden. Maak tijdig afspraken over een niet-contante betaalwijze. De wet werkt niet terug op betalingen die al vóór de inwerkingtreding waren voltooid, maar een oudere overeenkomst biedt geen vrijstelling voor verboden betalingen die daarna plaatsvinden.
Er is ook een administratief voordeel. Minder contant geld betekent doorgaans meer traceerbare bankmutaties en een vollediger controlespoor. Voor de toegestane contante ontvangsten tot en met € 2.999,99 blijft een sluitende kasadministratie nodig. IBAN-discriminatie in Nederland legt uit welke rol de betaalrekening speelt bij flexibele betaalmethoden. In het verschil tussen een accountant en boekhouder lees je wanneer professionele ondersteuning bij inrichting en controle zinvol is.
Breng je betaalbeleid in lijn met de nieuwe regels
Het verbod vraagt niet dat je iedere klant met contant geld als verdacht behandelt. Wel heb je een helder schriftelijk beleid nodig, medewerkers die de grens en de samenhangregel begrijpen en een eenvoudige werkwijze voor geweigerde betalingen. Wie dit eenmaal goed inricht, kan legitieme verkopen blijven verwerken zonder bij ieder betaalmoment opnieuw juridisch te improviseren.
Wil je hulp bij een betaalbeleid en boekhouding waarmee je contante betalingen correct verwerkt zonder gewone verkopen af te remmen? Boek een demo, dan bespreken we jouw situatie. Ons team kan je ook helpen bij het oprichten van een bv of bij het goed inrichten van boekhouding en payroll vanaf de eerste transactie.
Veelgestelde vragen
Wat is het Nederlandse verbod op contante betalingen?
Sinds 1 januari 2026 mogen beroeps- of bedrijfsmatige handelaren in goederen, kunsthandelaren en pandhuizen op grond van artikel 1f Wwft geen contante betaling van € 3.000 of meer doen of accepteren. Betalingen tot en met € 2.999,99 blijven in beginsel toegestaan.
Wanneer is het verbod in werking getreden?
Op 1 januari 2026. Het Koninklijk Besluit van 3 november 2025 is gepubliceerd in Staatsblad 2025, 362. De afzonderlijke acceptatieplicht voor kleinere contante consumentenbetalingen trad toen niet in werking.
Geldt het verbod ook voor diensten?
Momenteel niet op grond van artikel 1f Wwft. Het Nederlandse verbod ziet op betalingen voor goederen. Vanaf 10 juli 2027 geldt op basis van de Europese antiwitwasverordening ook een limiet voor contante betalingen voor diensten. Los daarvan kunnen bepaalde dienstverleners al bestaande Wwft-plichten hebben.
Is de grens van € 3.000 inclusief btw?
De grens wordt beoordeeld aan de hand van het totale contant te betalen bedrag voor de goederen. Bij een consumentenverkoop is dat het bedrag inclusief btw. Een prijs van € 2.500 exclusief 21% btw wordt € 3.025 en mag daarom niet volledig contant worden voldaan.
Mag een klant in twee termijnen betalen om onder € 3.000 te blijven?
Niet contant als beide termijnen bij dezelfde transactie horen en samen € 3.000 of meer bedragen. Artikel 1f omvat ook meerdere handelingen waartussen een verband lijkt te bestaan. Een deel per bank en een contant deel onder € 3.000 kan wel mogelijk zijn, zolang het totale contante bedrag onder de grens blijft en geen andere Wwft-regel wordt geschonden.
Wat is een samengestelde transactie?
Dat is de gebruikelijke benaming voor meerdere betalingen die zodanig samenhangen dat ze voor het verbod gezamenlijk moeten worden beoordeeld. De wet spreekt van meerdere handelingen waartussen een verband lijkt te bestaan. Dezelfde goederen, dezelfde koper, een korte periode en een doelbewuste splitsing kunnen aanwijzingen zijn, maar alle feiten en omstandigheden tellen mee.
Moeten particulieren het verbod naleven?
Niet bij een zuiver particuliere transactie. Iemand die incidenteel zijn eigen auto of inboedel aan een andere particulier verkoopt, valt niet onder artikel 1f. Wie feitelijk beroeps- of bedrijfsmatig handelt, kan zich echter niet alleen door het etiket ‘particulier’ aan de regel onttrekken.
Welke sancties gelden bij een overtreding?
Een overtreding van artikel 1f valt in bestuurlijke boetecategorie 1, met een maximum van € 10.000. Bij herhaling binnen vijf jaar kan het maximum onder voorwaarden verdubbelen. Ook een last onder dwangsom, openbaarmaking en strafrechtelijke handhaving op grond van de Wet op de economische delicten zijn mogelijk. De precieze gevolgen hangen af van de feiten, verwijtbaarheid, recidive en de betrokken natuurlijke persoon of rechtspersoon.
Welke instantie houdt toezicht op het verbod?
De Dienst Financieel-Economische Integriteit (DFEI), de opvolger van Bureau Toezicht Wwft, houdt toezicht op het verbod voor goederenhandelaren. FIU-Nederland ontvangt meldingen van ongebruikelijke transacties van partijen die meldingsplichtig blijven; de FIOD kan betrokken raken bij strafrechtelijke onderzoeken. BFT houdt toezicht op eigen Wwft-plichten van onder meer accountants en notarissen, maar is niet de algemene toezichthouder op artikel 1f voor goederenhandelaren.
Heeft mijn onderneming daarnaast nog oude Wwft-verplichtingen?
Voor gewone goederenhandelaren zijn de vroegere Wwft-plichten voor contante transacties van € 10.000 of meer vervangen door het verbod. Kunsthandelaren, pandhuizen en bepaalde bemiddelaars vormen belangrijke uitzonderingen: voor hen kunnen cliëntenonderzoek en meldingsplichten naast het verbod blijven gelden. Controleer daarom altijd onder welke Wwft-categorie de onderneming precies valt.
Written by
Nick Knuppe
CEO en oprichter

