Boekhouding

Boekhouding

Prinsjesdag 2026: wat de belastingplannen voor 2027 betekenen voor Nederlandse ondernemers

Prinsjesdag 2026 brengt nieuwe belastingvoorstellen voor 2027. Bekijk wat er verandert voor Nederlandse mkb'ers, zzp'ers, werkgevers, vastgoedeigenaren en innovatieve ondernemers.

7 min.

Prinsjesdag 2026: wat de belastingplannen voor 2027 betekenen voor Nederlandse ondernemers

Intro

De Nederlandse regering heeft haar belastingplannen voor 2027 gepresenteerd. Voor oprichters, zzp’ers en mkb-bedrijven staan er enkele belangrijke veranderingen op stapel. Daarbij geldt wel een belangrijk voorbehoud: het zijn voorstellen en nog geen definitieve wetgeving.

Hieronder leest u wat er daadwerkelijk verandert, wat hetzelfde blijft en wat de volgende stappen zijn.

Eerst: wat is Prinsjesdag?

Prinsjesdag is de Nederlandse begrotingsdag. Deze vindt plaats op de derde dinsdag van september. De Koning opent dan het nieuwe parlementaire jaar en de regering presenteert haar plannen en begroting voor het komende jaar. De minister van Financiën biedt de Miljoenennota en de Rijksbegroting aan, terwijl ook het jaarlijkse pakket met belastingmaatregelen bij de Tweede Kamer wordt ingediend.

Dit jaar speelt bovendien een bijzondere politieke factor. Het is de eerste Prinsjesdag van het kabinet-Jetten, gevormd door D66, VVD en CDA. Omdat dit kabinet geen meerderheid heeft in de Tweede Kamer, is steun van oppositiepartijen nodig om de plannen door het parlement te krijgen. Premier Jetten heeft uitdrukkelijk aangegeven dat het kabinet naar breed draagvlak zal zoeken.

Dat is belangrijk voor alle maatregelen hieronder: het zijn voorstellen en ze kunnen tijdens de parlementaire behandeling nog veranderen.

Wat gebeurt er nu?

Het belastingpakket gaat naar de Tweede Kamer, waar Kamerleden de voorstellen bespreken en kunnen wijzigen. Na goedkeuring volgt behandeling door de Eerste Kamer. De Eerste Kamer stemt normaal gesproken in december over het pakket. Aangenomen maatregelen worden daarna in het Staatsblad gepubliceerd. De meeste voorgestelde wijzigingen moeten op 1 januari 2027 ingaan.

Belastingplan 2027 is bovendien niet één afzonderlijke wet. Het pakket bestaat dit jaar uit vier wetsvoorstellen, waaronder het eigenlijke Belastingplan, een wetsvoorstel met overige fiscale maatregelen en een afzonderlijk voorstel voor de fiscale stimulering van startups en scale-ups.

Waar moeten ondernemers concreet op letten?

Fiscale voordelen voor zzp’ers worden verder afgebouwd

Voor zzp’ers met een eenmanszaak wordt voorgesteld de zelfstandigenaftrek te verlagen van € 1.200 in 2026 naar € 900 in 2027. De mkb-winstvrijstelling blijft 12,7%.

Voor starters is de verandering groter. De startersaftrek daalt van € 2.123 naar slechts € 10 in 2027 en wordt vanaf 2028 volledig afgeschaft. Het voorstel geldt ook voor ondernemers die vóór 2027 zijn gestart en nog aanspraak op de startersaftrek kunnen maken; het is niet beperkt tot nieuwe starters vanaf 2027.

Hierdoor wordt voor sommige ondernemers de terugkerende vraag “bv of eenmanszaak?” nog relevanter. Er bestaat geen universeel omslagpunt. Onder meer winstniveau, gebruikelijk loon, ondernemingsrisico, dividendbehoefte en toekomstplannen bepalen welke rechtsvorm past. Neno kan helpen beide scenario’s door te rekenen.

De onbelaste kilometervergoeding stijgt naar € 0,25

De maximale onbelaste reiskostenvergoeding stijgt van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. Dit geldt voor werknemers, maar ook voor het aftrekbare kilometerbedrag voor IB-ondernemers en andere belastingplichtigen die hun privévoertuig voor zakelijke ritten gebruiken.

Voor werkgevers is € 0,25 het maximale bedrag dat gericht onbelast kan worden vergoed, geen verplichte vergoeding. Een werkgever mag minder vergoeden en is niet automatisch verplicht een bestaande kilometervergoeding te verhogen. Controleer daarbij altijd wat in de arbeidsovereenkomst, cao of personeelsregeling is afgesproken.

Auto’s en mobiliteit: € 0,25 per kilometer, youngtimers en fossiele auto’s van de zaak

De maximale onbelaste kilometervergoeding stijgt van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026.

Voor werknemers is dit het maximale bedrag dat onbelast kan worden vergoed. Werkgevers zijn niet verplicht hun bestaande vergoeding te verhogen. Hetzelfde bedrag van € 0,25 geldt voor aftrekbare zakelijke kilometers van IB-ondernemers die hun privéauto gebruiken.

Ook de youngtimerregeling blijft bestaan, maar wordt minder gunstig. Voorgesteld wordt de minimumleeftijd in 2027 te verhogen naar 17 jaar en vanaf 2028 naar 20 jaar. Voor bepaalde auto’s die al zakelijk worden gebruikt, komt overgangsrecht. De eerder voorziene verhoging naar 25 jaar gaat daarmee niet door.

Voor werkgevers die een auto van de zaak ter beschikking stellen, speelt een afzonderlijke maatregel. Vanaf 2027 geldt op grond van eerder aangenomen wetgeving een pseudo-eindheffing van 12% over de cataloguswaarde van personenauto’s met CO₂-uitstoot die een werknemer ook privé kan gebruiken. Woon-werkverkeer telt voor deze heffing als privégebruik.

De voorstellen voor 2027 verzachten een deel van de praktische gevolgen. Auto’s die vóór 2027 voor het eerst ter beschikking zijn gesteld, blijven volgens het voorgestelde overgangsrecht tot en met 2030 buiten de heffing. Overweegt een werkgever een benzine-, diesel- of hybrideauto ter beschikking te stellen, dan kan het moment waarop dit gebeurt dus grote fiscale gevolgen hebben. Een keuze uitsluitend vanwege het overgangsrecht vraagt wel om een volledige kostenberekening en beoordeling van de definitieve wet.

De vereenvoudigde innovatiebox wordt aantrekkelijker

De innovatiebox kent al een vereenvoudigde regeling die vooral voor kleinere innovatieve ondernemingen is bedoeld. Onder die regeling kan 25% van de winst als innovatieboxvoordeel worden aangemerkt, momenteel tot maximaal € 25.000 per jaar.

Vanaf 2027 wil het kabinet dit maximumbedrag verhogen naar € 100.000. Het uitdrukkelijke doel is de innovatiebox toegankelijker en aantrekkelijker te maken voor innovatieve mkb-bedrijven.

Voor ondernemingen die zelf software, technologie of andere kwalificerende immateriële activa ontwikkelen, kan het daarom zinvol zijn opnieuw te beoordelen of de innovatiebox toepasbaar is. De gebruikelijke voorwaarden blijven gelden; de hogere grens maakt niet automatisch iedere software- of ontwikkelingswinst geschikt voor de regeling.

Investeren in energie wordt iets aantrekkelijker

Voorgesteld wordt het percentage van de Energie-investeringsaftrek, de EIA, per 1 januari 2027 te verhogen van 40% naar 45,5%. De EIA biedt een aanvullende fiscale aftrek voor kwalificerende investeringen in energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie.

Of een investering in aanmerking komt, blijft afhangen van het specifieke bedrijfsmiddel, de actuele Energielijst, de tijdige melding bij RVO en de overige voorwaarden. De verhoging van het percentage maakt dus niet automatisch iedere duurzame investering aftrekbaar.

Een tweede woning of verhuurwoning kopen? De overdrachtsbelasting daalt

Vanaf 1 januari 2027 wil het kabinet het overdrachtsbelastingtarief voor woningen die de koper niet als hoofdverblijf gebruikt, verlagen van 8% naar 7%. Hieronder vallen onder meer verhuurde woningen, tweede woningen en vakantiewoningen. Het tarief van 2% voor een woning die de koper zelf langdurig als hoofdverblijf gaat gebruiken, blijft ongewijzigd.

Bij een aankoop rond de jaarwisseling kan het moment van de juridische levering daarom financieel verschil maken. Beoordeel de timing wel samen met de contractuele afspraken, financiering en eventuele wijzigingen tijdens de parlementaire behandeling.

En wat staat niet in het hoofdwetsvoorstel Belastingplan?

Niet iedere fiscale maatregel waarover rond Prinsjesdag wordt gesproken, staat in het hoofdwetsvoorstel Belastingplan 2027.

De nieuwe regeling voor werknemersopties bij startups en scale-ups staat bijvoorbeeld in een afzonderlijk wetsvoorstel binnen hetzelfde pakket. Het voorstel verschuift het heffingsmoment voor kwalificerende opties in beginsel naar de daadwerkelijke verkoop van de aandelen en verlaagt het belastbare optievoordeel tot 65%. De beoogde ingangsdatum is 2027, maar daarvoor zijn nog parlementaire goedkeuring en de relevante staatssteungoedkeuring nodig.

Ook de veel grotere hervorming van box 3 volgt een afzonderlijk wetgevingstraject. Het huidige stelsel blijft in 2027 gelden. De regering streeft nog steeds naar invoering van belastingheffing op basis van werkelijk rendement per 1 januari 2028, maar het wetsvoorstel moet nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd.

Prinsjesdag zet het Nederlandse belastingstelsel dus niet ieder jaar volledig opnieuw op. Sommige maatregelen zijn nieuw, andere werken eerder aangekondigd beleid verder uit en enkele van de grootste hervormingen worden via afzonderlijke wetsvoorstellen behandeld.

De belangrijkste conclusie

Voor de meeste Nederlandse mkb-bedrijven en ondernemers brengt Belastingplan 2027 eerder evolutie dan revolutie. Toch zijn enkele maatregelen relevant voor beslissingen die nu al worden genomen: lagere aftrekposten voor zzp’ers, een hogere kilometervergoeding, gewijzigde youngtimerregels, een aanzienlijk ruimere vereenvoudigde innovatiebox en een hoger EIA-percentage.

Omdat Nederland een minderheidskabinet heeft, hoeft de versie die op Prinsjesdag is gepresenteerd niet dezelfde te zijn als de wetgeving die in december wordt aangenomen. Behandel de voorstellen daarom als planningsinformatie en controleer de definitieve wet voordat u onomkeerbare stappen zet.

Weet u niet zeker welke veranderingen gevolgen hebben voor uw onderneming? Neem contact op met Neno. We helpen u graag de financiële en fiscale gevolgen voor uw situatie door te rekenen.

Portrait of Nick
Portrait of Nick

Written by

Nick Knuppe

CEO en oprichter

Wij regelen de administratie. Jij runt je bedrijf.

Wij regelen de administratie. Jij runt je bedrijf.

Wij regelen de administratie. Jij runt je bedrijf.